Groepsvorming – norming

De tweede of derde fase van de groepsvorming is de zogenoemde norming. Wat is de norming precies, wat is jouw rol als leerkracht en welke activiteiten passen bij deze fase?

Groepsvorming – norming

Norming -regels

In deze fase worden de gemeenschappelijke normen van de groep vastgesteld. Met deze normen wordt vastgesteld welk gedrag wel of niet gewenst is. Op deze manier spreken de leerlingen met elkaar af hoe ze met elkaar willen omgaan. Als leerkrachten proberen wij deze norming te sturen, daarom is de norming de tweede fase in een gestuurde groepsvorming. Bij een niet gestuurde groepsvorming is de norming de derde fase.

Al de eerste dag leggen wij uit welke schoolregels er zijn en leren we de groepsregels aan die wij als leerkracht(en) hebben opgesteld. Regels geven richting en duidelijkheid over het dagelijkse handelen. Daarbij zijn de schoolregels als het goed is meerdere jaren geldig. De groepsregels kunnen jaarlijks verschillen. Deze stel je als leerkracht(en) op voor het begin van het schooljaar, aan de hand van de informatie over de groep uit de overdracht en dingen die jij of jullie belangrijk vinden. Uiteraard kunnen de schoolregels en de groepsregels elkaar niet tegenspreken. Het is belangrijk om deze schoolregels en groepsregels aan te leren aan de leerlingen. Het zijn gedragsverwachtingen, die leerlingen ook moeten leren. Uiteraard worden de regels opgesteld als postitieve gedragsverwachtingen. Hierbij gebruik ik graag het voorbeeld: ‘denk niet aan een roze olifant’.  Grote kans dat je daar inmiddels aan hebt gedacht……

Daarnaast geven we ook de leerlingen ruimte om met elkaar de groepsafspraken op te stellen. De afspraken zijn van de leerlingen zelf, zij stellen deze op en spreken elkaar hierop aan. Regels komen van volwassenen en worden hen opgelegd. Ik vind het zelf altijd duidelijk voor mijn leerlingen om dit onderscheid duidelijk te maken door het gebruik van deze termen.

Norming – routines

Naast regels en afspraken is het ook verstandig om in deze fase routines aan te leren aan de groep. Oefen met elkaar het in de rij staan een week lang. Stel bijvoorbeeld als doel om steeds sneller netjes in de rij te gaan staan en oefen dit drie momenten per dag. Een andere routine die verstandig is om aan te leren is bijvoorbeeld in de toetsopstelling gaan zitten of (wanneer je in rijtjes zit) in groepjes te gaan zitten. Wanneer je deze weken gebruikt om deze routines snel aan te leren zoals het bij jou/jullie in de groep hoort, heb je er het hele schooljaar plezier van. Ook levert dit gedurende het schooljaar tijdwinst op.

Wat is jouw rol als leerkracht?

Als leerkracht onderwijs je de schoolregels en de groepsregels. Dit doe je door aanbieden, herhalen en complimenteren. Ook oefen je de routines in de groep. Daarnaast is het echter ook verstandig om de leerlingen de ruimte te bieden om zelf met elkaar groepsafspraken op te stellen. Doe dit met een coöperatieve werkvorm zoals de Placemat,  op deze manier laat je de leerlingen op een georganiseerde manier aftasten welke rol zij hebben in de nieuwe groepsdynamiek.

Welke activiteiten passen bij deze fase?

Bij deze fase is het passend om veel coöperatieve werkvormen te gebruiken, zoals:

Het is echter ook van belang om gewoon les te geven, sommige lessen zou je juist coöperatief kunnen laten verwerken na een duidelijke instructie. Ook is het verstandig om regelmatig een energizer te doen.

Literatuur

Engelen, R. (2007) Grip op de groep. JSW / uitgeverij Bekadidact, Baarn
Overveld, K. (2016) Groepsplan Gedrag. Pica, Huizen

Uitgelichte afbeelding: Photo by Gustavo Fring from Pexels

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.